Landrover

Landrover

4x4 handleidingen

Uw Land Rover

LAND ROVER GIDS VOOR TERREINRIJDEN

In regenwouden, woestijnen en andere plaatsen waar een normale auto nooit geraakt, vindt men terreinwagens. Het moment waarop u het asfalt verlaat, is het moment dat u zich bewust wordt van het indrukwekkende potentieel van uw Land Rover. Deze gids is bedoeld om u maximaal te laten genieten van uw terreinavonturen.

KEN UW WAGEN TOT IN DE PUNTJES

 

- Voor u off-road gaat, doet u er goed aan om een duidelijk beeld van de onderkant van uw wagen in uw geheugen te prenten.

- Controleer waar fragiele onderdelen zoals de brandstofpomp, het oliecarter, de differentiëlen en de versnellingsbak zich bevinden. Zo daalt het risico dat u ze beschadigt op rotsen, boomstronken en andere obstakels.

- Controleer het dakimperiaal en houd er rekening mee wanneer u onder lage takken doorrijdt.

- Lees de handleiding en ontdek waarvoor alle boordtechnologieën en voorzieningen dienen.

DESKUNDIGE TIPS VOOR TERREINRIJDEN

- Als het veilig is, kunt u de ondergrond testen door erover te wandelen voor u erover rijdt.

- Controleer voor het oprijden van een heuvel dat u weet wat er zich aan de andere kant van de kam bevindt.

- Wandel steeds door water met laarzen en een stok om het slib te testen en putten op te sporen. Beter natte voeten dan een vastgereden auto.

- Zet uw duimen nooit vast langs de binnenkant van het stuur want bij een slag van het terrein kunt u ze verstuiken of zelfs breken.

DE GOUDEN REGELS VOOR TERREINRIJDERS

- Rijd zo langzaam mogelijk en zo snel als nodig.
- Ken de afmetingen van uw wagen: hoogte, gewicht, breedte, lengte, op- en afrijhoeken, overschrijdingshoek en bodemvrijheid.
- Ken de internationale handsignalen voor begeleiders.
- Vermijd schakelen bij moeilijke terreinen.
- Scan de grond steeds zo ver als u kunt. Als het veilig is, kunt u eerst over de grond wandelen voor u erover rijdt.
- Wees extra voorzichtig als u op losse of natte ondergrond rijdt en houd rekening met de beperkte grip.
- Wees bereid om op te geven. Rijd achteruit en probeer opnieuw of kies een alternatieve route.
- Voorkom op elk moment overdreven wielspin, maar zeker op zachte ondergrond wanneer de auto zijn elan kan verliezen en milieuschade kan veroorzaken.
- Spring zachtjes om met de rechtervoet.
- Houd steeds beide handen aan het stuur, ook bij het achteruitrijden.
- Laat steeds aan iemand weten waar u heen gaat, welke route u wil volgen en wanneer u terug denkt te zijn.

ESSENTIËLE KIT VOOR TERREINWERK

De essentiële kit voor het zware terreinwerk

Voor elk terreinavontuur is het cruciaal dat u uw wagen langs binnen en langs buiten kent (zie checklist) en dat u voor uw vertrek alle essentiële voorwerpen meeneemt in uw Land Rover.

Checklist:

- Sleeptouw
- Schop
- 2-wegradio
- Geschikte, klimaatbestendige kleding
- Correct schoeisel
- Gps-navigatie en kaarten
- Eten en water
- Extra brandstof

RIJTECHNIEKEN

De basis 

- Om effectief over ruwe terreinen te rijden, is een zekere mate van soepelheid vereist.
- Bij rotsachtig terrein moet de bandendruk hetzelfde niveau hebben als de druk die voorgeschreven is voor de baan.
- Stuur nauwkeurig en rem zo weinig mogelijk.
- De bestuurder moet zijn voertuig controleren, het mag nooit andersom zijn.

Hoe obstakels overwinnen

- Probeer over de grond te wandelen voor u erover rijdt.
- Nader bergkammen recht.
- Nader boomstronken, rotsen of grachten diagonaal zodat er steeds drie wielen in contact blijven met de grond.
- Zorg ervoor dat de banden de volledige wegdruk hebben voor rotsachtige terreinen.
- Blijf naast diepe sporen. Zo houdt u uw wagen vlak en beperkt u de milieu-impact.

Hoe terugkeren naar de weg

- Koppel de sperdifferentiëlen los na gebruik.
- Stop even en controleer op lichte schade.
- Controleer op sneden in de banden, ook in de wanden.
- Controleer op koetswerkschade die tegen de banden kan wrijven.
- Controleer op steenslag in de onderkant van uw wagen en in de banden.
- Zorg dat de lichten, ruiten en spiegels schoon zijn.
- Zorg dat de nummerplaten leesbaar zijn.
- Zorg dat alle uitrusting optimaal beveiligd is.

Als diepe sporen het stuurgedrag bepalen 

Wanneer u door diepe sporen rijdt, wees dan extra voorzichtig als de sporen gemaakt zijn in gladde grond. U hebt het mogelijk niet altijd in de gaten dat de wielen niet recht staan, tot de wielen opnieuw grip krijgen en de wagen plots van richting verandert. (Speciaal voor deze situaties hebben wagens zoals Range Rover, Range Rover Sport en Discovery 4 een richtingsindicator voor de vier wielen.)

Als u niet naar beneden rijdt, kunt u vermijden dat uw wielen zich blokkeren in een spoor door uw greep op het stuur af en toe te ontspannen en het stuur slechts met uw handpalmen vast te houden. Zo blijven de wielen rechtdoor wijzen. De banden hebben mogelijk geen grip op de gladde zijkanten van het spoor zodat u het stuur niet naar links of rechts kunt draaien.

De beste versnelling selecteren

BASISREGELS VOOR HET KIEZEN VAN DE JUISTE VERSNELLING

VOORWAARDEN
VERSNELLING
Rotsachtige grond.
Lage verhouding 1e versnelling.
Zachte grond.

Lage verhouding 2e of 3e versnelling.

Ijs en sneeuw.

Hoogst mogelijke versnelling voor omstandigheden.

Hellingen oprijden.

Klimmen in hoogste praktische versnelling.

Hellingen afrijden.

Lage verhouding 1e versnelling.

Doorwaden.

Lage verhouding 2e versnelling.

Zandsporen.

Probeer 3e, 4e of 5e in lage gearing.


Range Rover, Discovery 4, Range Rover Sport en Freelander 2 hebben het unieke Terrain Response®-systeem dat kan worden ingesteld op de volgende rijomstandigheden: rotsen (niet op Freelander 2), modder en diepe sporen, zand, gras/grind/sneeuw en vaste baan.

Terrain Response® is een baanbrekende voorziening die moet worden gebruikt in combinatie met proactieve rijtechnieken.

MODDER EN SAND

De basis:

- Houd een rustige snelheid aan om door diepe zand en modder te rijden.
- Schakel geen te lage versnelling in in modder want dan zullen de banden makkelijker doorslippen.
- In zand is een lagere versnelling echter meestal beter.
- Als modderige omstandigheden u in sporen dwingen, zorg er dan voor dat u op elk moment weet in welke richting uw wielen wijzen.
- Banden kunnen door modder snijden om tractie te vinden op de grond eronder.
- Zand is het hardst bij zonsopgang.
- Als u een zandstorm moet uitzitten, draai de wagen dan met de achterkant naar de wind en schakel vervolgens de motor uit.
- Volg de aanbevelingen over banden en bandendruk van Land Rover op.
- Wanneer het zand echter zacht is en stenen bevat, werkt lage druk beter.
- Wanneer de wielen beginnen te spinnen, dient u het gaspedaal los te laten om te vertragen zodat ze opnieuw grip vinden.
- Indien de omstandigheden het toelaten en de veiligheid daardoor niet in het gedrang komt, kunt u de DSC-functie uitsschakelen om te verhinderen dat het motorvermogen onderbroken wordt op momenten dat u net koppel nodig heeft.

Onthoud: Voor u op avontuur vertrekt, dient u ervoor te zorgen dat u en uw passagiers klimaatbestendige kledij dragen.

Zand: de fijne details

- De geologie van de woestijn. Zand bedekt slechts ongeveer 20 procent van de woestijnen op onzeplaneet. Het grootste deel van het zand bevindt zich in zandbladen enzandzeeën, enorme gebieden van golvende zandduinen, die wat weg hebbenvan bevroren zandgolven.
- Stranden. Meestal stevig genoeg om een wagen te dragen tussen de waterlijn vanhoogwater en vier meter van de zee. Let op voor opkomend water.
- Vochtig zand. Woestijnzand dat vochtig is door regen is makkelijker om op te rijden.Vaak zullen bloemen  die 's nachts bloeien het zand helpen samen tehouden.
- Stevig zand. Stukken woestijn die u in een relatief hoge versnelling kunt doorkruisen.
- Droog zand. Een oppervlaktekorst die sterker is in de koelte van de ochtend.
- Nat zand. Afblijven. Dit kan stukken zwevend zand of drijfzand bevatten.
- Zandduinen. Rijd niet over maar rond zandduinen.

SNEEUW

Range Rover, Discovery 4, Range Rover Sport en Freelander 2 hebbenhet unieke Terrain Response®-systeem dat kan worden ingesteld op devolgende rijomstandigheden: rotsen (niet op Freelander 2), modder endiepe sporen, zand, gras/grind/sneeuw en vaste baan.

TerrainResponse® is een baanbrekende voorziening die moet worden gebruikt incombinatie met proactieve rijtechnieken. Hier zijn enkele bijkomendetips voor terreinrijden in sneeuw.

Voor u door de sneeuw rijdt:

- Controleer welke sneeuwkettingen we aanbevelen voor uw Land Rover en of ze veilig te plaatsen zijn op de banden van uw wagen.
- Inspecteer regelmatig om te zorgen dat de kettingen goed strak zitten.
- Oefen het plaatsen van sneeuwkettingen eens voor u ze daadwerkelijk nodig hebt, bij voorkeur op een zonnige dag.

Onthoud: Voor u op avontuur vertrekt, dient u ervoor te zorgen dat u en uw passagiers klimaatbestendige kledij dragen.

De basis voor rijden in de sneeuw:

- Houd een rustige snelheid aan om u door diepe sneeuw te leiden.
- Rij niet in een te lage versnelling in sneeuw want dan zullen de banden makkelijker doorslippen.
- Volg de aanbevelingen over banden en bandendruk van de constructeur op.
- Wanneer de wielen doorslippen, dient u het gaspedaal los te laten om te vertragen zodat ze opnieuw grip vinden.
- Kies de hoogst mogelijke versnelling voor de omstandigheden.

HEUVELS

Hoe heuvels beklimmen

- Onderzoek het gebied wanneer mogelijk te voet. Zorg dat u steeds weetwat er zich aan de andere kant van de heuvel bevindt.
- Schakel Hill Descent Control (HDC) in wanneer beschikbaar.
-Rijd een heuvel op in de hoogste versnelling waarin de auto comfortabel'trekt'. Bij een te lage versnelling zullen de wielen doorslippen. Bijeen te hoge versnelling hebt u niet genoeg kracht om de heuvel op terijden.
- Rijd de heuvel steeds recht op, eerder dan diagonaal, om een koprol te vermijden.
- Probeer de auto nooit te draaien op een steile helling.
-Wees bereid om een klim op te geven. Het gebeurt bij de bestebestuurders. Werk een vluchtroute uit en zorg dat u weet waar deobstakels zich bevinden.

Hoe heuvels afrijden

- Stop een autolengte voor de afdaling zodat u tijd hebt om correcties door te voeren.
- U kunt ook even uitstappen om de weg voor u te analyseren.
- Schakel Hill Descent Control (HDC) in wanneer beschikbaar.
-Als basisregel geldt dat u de 1e versnelling in lage gearing of stand'1' bij een automaat gebruikt en de remmen zo weinig mogelijk gebruikt.
- Volg de natuurlijke lijn, de lijn die water zou nemen om van de helling te stromen.
- Laat de wagen nooit bollen en rijd nooit achteruit met de transmissie in neutraal of met het koppelingspedaal ingetrapt.
- Draai de auto nooit op een steile helling. De wagen kan opzij beginnen te schuiven.
- Als u toch moet stoppen op de weg naar beneden, stel uzelf dan steeds de vraag of het veilig is.

DOORWADINGEN


Tips om door water te waden

- Water oversteken, doet u bij voorkeur aan een wad.
-Als het veilig is, wandelt u eerst door de stroom voor u het met dewagen probeert. Gebruik een stok om de diepte te meten enonderwaterholten op te sporen.
- Steek geen diep, snelstromend water over.
- Creëer in diepe golven een kleine boeigolf van ongeveer een meter voor de bumper.
- Laat de koppeling niet slippen want dit beperkt de controle van de wagen.
- Geef minder gas wanneer u de andere kant van het water nadert.
- Als er een steile helling is, lees dan onze gids voor het oprijden van steile hellingen (zie heuvels).

Hoe u een perfecte boeigolf creëert

- Versnel wanneer u het water inrijdt, tot er zich een perfect boeigolf heeft gevormd.
- Probeer ze ongeveer een meter voor de auto te houden om water buiten de elektronica van de ventilator te houden.
- Houd een snelheid aan waarbij de boeigolf voor de bumper uit blijft vloeien.
- Opgelet: het is de bedoeling om een zachte golf te creëren, geen surfgolf!

Jaguar Land Rover Limited: Registered Office: Abbey Road, Whitley, Coventry CV3 4LF Registered in England No: 1672070